Maandelijkse archieven: februari 2026

Slechte digitale ervaring drukt werkplezier

Slechte digitale ervaringen drukken het werkplezier van medewerkers. Dat ziet ruim de helft van de IT’ers in Nederland (58%). Volgens hen is de impact van negatieve ervaringen groot. Zo denkt 71 procent dat collega’s productiever zijn als hun digitale tools betrouwbaar en intuïtief zijn. Ook ziet 69 procent dat naadloos IT-beheer bijdraagt aan het succes van collega’s. Dit blijkt uit Europees onderzoek van TOPdesk onder zesduizend IT-managers, waarvan duizend in Nederland. 

Toch blijft de realiteit achter: de helft van de organisaties ervaart wekelijks hinder van IT-storingen zoals trage internetverbindingen en inlogproblemen.

Digitale ervaring

Organisaties zijn zich bewust van het probleem. Vier op de vijf IT’ers geven aan dat ze in (redelijk) grote mate inzetten op verbetering van de digitale ervaring in hun organisatie. Het meest wordt in dit kader ingezet op cloudgebaseerde samenwerkingstools zoals Microsoft Teams of Google Workspace (42%). 

Maar ook AI-support zoals chatbots die vragen beantwoorden (35%), self-serviceportalen (34%) en leer- en ontwikkelingsplatformen (34%) zijn maatregelen die IT’ers nemen om de digitale ervaring van collega’s te verbeteren.

Betere samenwerking

Toch is technologie alleen niet genoeg. Een cruciale factor blijft onderbelicht: de samenwerking tussen afdelingen. Maar liefst 69 procent van de IT’ers denkt dat IT-storingen sneller zouden worden opgelost als afdelingen elkaar beter weten te vinden.

IT’ers zien bijvoorbeeld een kloof tussen hun IT-afdeling en het management van de organisatie. Bijna een op de vijf IT’ers vindt het moeilijk om met hen samen te werken. Dit komt mogelijk doordat 57 procent van mening is dat het management de complexiteit van IT niet begrijpt.

Max Veenhof, business consultant bij TOPdesk: “IT is tegenwoordig één van de grootste pijlers van organisatieproductiviteit. Dat de helft van de organisaties nog wekelijks hinder ervaart door storingen, is dan ook een bedrijfsbreed risico. Negatieve IT-ervaringen ondermijnen productiviteit, werkplezier en daarmee het kunnen vasthouden aan ervaren medewerkers. 

De oplossing ligt niet alleen in het aanbieden van de juiste tools, maar ook in integratie van IT in de organisatiestrategie. Het management hoeft geen IT-expert te zijn, maar moet wel inzien dat de IT-infrastructuur een drijvende kracht is achter het werkgeluk van werknemers. Anders blijft IT gezien worden als kostenpost in plaats van een belangrijke factor voor organisatiesucces.”

Geplaatst in Beheren, Gebruiken | Tags , | Reacties uitgeschakeld voor Slechte digitale ervaring drukt werkplezier

Driekwart werkenden denkt dat door AI banen zullen verdwijnen

Van de mensen met betaald werk denkt 41 procent dat hun werk deels vervangen kan worden door kunstmatige intelligentie (AI). 4 procent verwacht dat AI hun werk helemaal kan overnemen. Hbo- en wo-geschoolden en jongvolwassenen zeggen vaker dan gemiddeld dat AI werk van hen kan doen. 

Van alle werkenden die dat denken, maakt bijna de helft zich daar zorgen over. Dat blijkt uit het onderzoek Belevingen 2025 van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Gebruik AI bij uitvoeren werkzaamheden

Mensen die al met AI werken, denken vaker dat hun werk geheel of deels vervangen kan worden door AI (56 procent) dan mensen die dat niet doen (37procent). Van de volwassenen met betaald werk gebruikt 43 procent AI bij het uitvoeren van hun werkzaamheden.

Bron: CBS

Vrouwen bezorgder dan mannen

Bijna de helft van de 18-plussers die denken dat AI hun werk helemaal of deels kan overnemen maakt zich hier zorgen over: 8 procent maakt zich veel zorgen en 40 procent een beetje. Mannen en vrouwen denken even vaak dat AI hun werk kan overnemen, maar vrouwen maken zich hierover meer zorgen.

Jongeren van 18 tot 25 jaar zeggen vaker dan 25-plussers dat AI hun werk deels of helemaal kan uitvoeren, maar ze maken zich hierover niet meer zorgen. Ook denken hbo- en wo-geschoolden vaker dat AI hun werk kan doen dan mensen met een vmbo-, mbo- of daarmee vergelijkbaar diploma, maar in zorgen hierover verschillen ze niet.

Bron: CBS

Driekwart denkt dat door AI banen zullen verdwijnen

Volwassenen – al dan niet werkend – denken vooral dat AI zal leiden tot het verdwijnen van bepaalde banen (75 procent) en het verlies van kennis en vaardigheden van personeel (64 procent). Verder is bijna de helft van mening dat AI bepaalde werkzaamheden minder interessant zal maken (48 procent). 

Daarentegen verwacht 57 procent dat AI kan zorgen voor een hogere productiviteit doordat werkzaamheden sneller kunnen worden uitgevoerd. Een minderheid denkt dat AI het personeelstekort in bepaalde bedrijfstakken kan oplossen, doordat minder personeel nodig is (46 procent) of dat het onveilige banen kan overnemen (41 procent). 

Bron: CBS

Bron: CBS

Geplaatst in Markt, Onderzoek | Tags , | Reacties uitgeschakeld voor Driekwart werkenden denkt dat door AI banen zullen verdwijnen

Cloud Act en HR: kun je Amerikaanse HR-software nog veilig gebruiken?

Amerikaanse technologie wordt overal in de samenleving gebruikt. Van Google Maps en Word tot e-mail, cloud en besturingssystemen: we zijn er flink afhankelijk van geworden. Ook HR-afdelingen gebruiken regelmatig Amerikaanse software. Denk bijvoorbeeld aan de oplossingen van SAP, BambooHR en Workday.

In principe is het gebruik van dergelijke software geen probleem, zelfs niet als daar gevoelige gegevens van werknemers in worden verwerkt. Europa en de VS hebben afspraken gemaakt waarmee de doorgifte van deze data is geregeld: het Data Privacy Framework (DPF). Amerikaanse partijen die daaronder gecertificeerd zijn, mogen data verwerken van Europese burgers. 

Zijn partijen daar niet onder gecertificeerd, dan kun je ook een modelcontract voor doorgifte gebruiken, in combinatie met eventuele extra maatregelen en een risicoanalyse van dat land.  

Voor HR-data geldt één extra verplichting: partijen moeten aangeven dat ze gecertificeerd zijn om HR-data te verwerken. Als gebruiker van de software moet je aangeven dat je data HR-gegevens bevat. “In de VS gelden andere regels voor dit soort data”, legt Caroline van Ekeren uit. Zij is senior legal counsel en sectiecoördinator Data & Privacy bij ICTRecht. “Ze moeten daarom weten dat ze met HR-data te maken hebben.” 

De lange arm van de VS

Maar sinds het aantreden van president Trump en de toegenomen geopolitieke spanningen is het gebruik van Amerikaanse software niet meer zo vanzelfsprekend. Dat heeft onder meer te maken met twee Amerikaanse wetten: de Cloud Act en de Foreign Intelligence Surveillance Act (FISA 702). Deze wetten bepalen dat Amerikaanse autoriteiten toegang kunnen krijgen tot data die is opgeslagen bij Amerikaanse partijen. Zet je je data dus neer bij een Amerikaanse cloudprovider, dan kan de Amerikaanse overheid daar mogelijk ook bij. Ook als de data zelf fysiek in een datacenter in Europa staan opgeslagen. En daar hoeft niemand jou over in te lichten.

Botst dat niet met de Europese privacywetgeving, de AVG? Deze wetgeving telt immers strenge regels aan het opslaan en verwerken van persoonsgegevens. Wie deze data wil verwerken, mag dat alleen op basis van zes grondslagen. Zo mag je onder meer data verwerken als je toestemming hebt van de persoon om wie het gaat of als dit noodzakelijk is om een overeenkomst uit te voeren. 

“Als de VS geen rechtsgrond heeft op basis van Europese regels, is zo’n inzage inderdaad in strijd met Europees recht”, zegt ook Leonie van Sloten, senior adviseur bij de AP. Maar als je niet weet of de VS je data bekijkt, weet je ook niet of er iets gebeurt dat in strijd is met de AVG. In de praktijk is dus moeilijk te controleren of er iets gebeurt dat niet mag. 

Bovendien is de VS niet het enige land met dit soort wetgeving. “Ook in Europa zijn er redenen waarom overheden toegang krijgen tot onze gegevens. Veel Europese landen hebben dus ook dit soort wetten.” 

Juridisch nog geen probleem

De angst is dat de Trump-regering dit soort wetgeving gaat inzetten om te spioneren. “Door wat er nu in de VS gebeurt, komt het Data Privacy Framework onder spanning te staan”, zegt Van Ekeren. Zo lopen er diverse rechtszaken over het DPF, waarin moet worden besloten of dit framework stand kan houden. “Maar juridisch is er nu nog niets veranderd. Je kunt Amerikaanse software gewoon gebruiken en data blijven delen. Dat is de juridische waarheid.”

Van Sloten sluit zich daarbij aan. “Maar je kunt jezelf wel de vraag stellen: wat vind je wenselijk? Er kunnen redenen zijn waarom dit toch niet helemaal prettig voelt. Werkgevers moeten dus voor zichzelf deze vraag beantwoorden: vind je het, in jouw situatie, prettig dat gegevens van je werknemers buiten de Europese Economische Ruimte worden doorgegeven?” 

De organisatie zelf is namelijk verantwoordelijk voor de beveiliging van de persoonsgegevens, benadrukt Arjan Kapteijn, hoofd van de afdeling systeemtoezicht markt & bedrijfsleven bij de AP. “Er wordt nog wel eens gezegd: ik koop een systeem in, dat zou moeten voldoen aan de eisen van de wet. Maar het is je taak om vast te stellen dat het daar inderdaad aan voldoet. Als dat niet zo is, ben je nog steeds verantwoordelijk.”

De praktische werkelijkheid

Er is nog een tweede risico: blijft Amerikaanse software wel beschikbaar? President Trump kan in theorie besluiten dat Amerikaanse partijen niet meer aan Europa mogen leveren. En Europa dreigde onlangs nog met de zogeheten ‘handelsbazooka’: een maatregel waarmee het Amerikaanse partijen de toegang tot de Europese markt kan ontzeggen. Het is dus mogelijk dat je HR-administratie opeens niet meer toegankelijk is als gevolg van politieke besluiten. 

Een belangrijk risico waarmee organisaties nu al rekening kunnen houden. “Vendor lock-in is een ander mogelijk probleem: dat je in een systeem zit waaruit persoonsgegevens op termijn niet gemakkelijk te halen zijn door het ontwerp van het systeem”, waarschuwt Kapteijn. “Stel je kunt niet meer gebruik maken van zo’n partij, dan is het fijn als je je personeelsadministratie gemakkelijk en preventief kunt overzetten naar een Europese aanbieder.”

Noodpakket

Voor de gemiddelde HR-afdeling hoeft er nu dus niet op stel en sprong iets te veranderen. Amerikaanse software kan nog altijd veilig gebruikt worden. Maar Van Ekeren raadt organisaties wel aan na te denken over hun eigen situatie. “Maak de afweging: wat voor bedrijf ben je, welke data deel je en welke software gebruik je daarvoor? Kijk daarbij ook naar de huidige geopolitieke spanningen en vraag je af waar je nu je dienstverlening wilt neerleggen. Je moet die risico’s immers herkennen en bepalen welke risico’s je wel en niet accepteert.”

Ook Kapteijn adviseert organisaties een plan B klaar te hebben liggen. “We moeten nu allemaal een noodpakket in huis hebben. Je wilt bij wijze van spreken ook een noodpakket voor de doorgifte van data naar de VS. Niet omdat je deze volgende week nodig hebt, maar omdat het goed is om een plan achter de hand te hebben.”


Checklist: waar moet je op letten bij HR-software?

  1. Is de partij die je op het oog hebt een Amerikaanse partij? 
  2. Zo ja, is deze partij gecertificeerd onder het Data Privacy Framework en mag ze daaronder HR-data verwerken? Is de partij niet gecertificeerd, sluit dan een modelcontract af en bekijk welke aanvullende maatregelen je moet nemen. (Tip: de VS heeft een zoekmachine met daarin alle partijen die DPF-gecertificeerd zijn.)
  3. Draait de software in de cloud (zoals SaaS) of volledig lokaal op je eigen infrastructuur? Als software lokaal, op je eigen infrastructuur draait, worden er waarschijnlijk geen gegevens naar Amerika verstuurd. 
  4. Beoordeel: is het in jouw situatie, voor jouw bedrijf, verantwoord en wenselijk om data buiten de Europese Economische Ruimte te verwerken? Zo niet, zoek naar een Europees alternatief.
  5. Kun je gemakkelijk je personeelsadministratie uit deze HR-software halen en overzetten naar een andere leverancier?
  6. Zorg voor een plan B, voor het geval dat.

 

Geplaatst in Branche, Markt | Tags , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Cloud Act en HR: kun je Amerikaanse HR-software nog veilig gebruiken?

AI als oplossing voor personeelstekorten in horeca en retail

Volgens Nostradamus, ontwikkelaar van software voor strategische personeelsplanning en workforce management voor bedrijven in onder andere de horeca en retail, kunnen bedrijven 4 tot 8% productiviteitsverbetering realiseren met behulp van Nostradamus-AI. Dat concludeert het bedrijf op basis van inzichten van zo’n 3.000 horeca- en retaillocaties.

Automatisering 

Horeca- en retailorganisaties opereren in een steeds complexere arbeidsmarkt. Personeel is schaars, marges staan onder druk en regelgeving rondom arbeidstijden en toeslagen laat weinig ruimte voor fouten. Tegelijkertijd moeten roosters flexibel blijven en aansluiten op wisselende drukte. “Onze missie is om ondernemingen te helpen met het leggen van die dagelijkse puzzel tussen planning, compliance, productiviteit en rendement”, aldus Wilfried Schets, Managing Director bij Nostradamus. 

“Dat doen we door de factor arbeid inzichtelijk te maken. Werktijden worden automatisch geregistreerd, waarbij pauzes, feestdagen en toeslagen worden meegenomen. Door deze gegevens direct te koppelen aan de salarisadministratie wordt dubbel werk voorkomen en neemt de kans op fouten af.”

AI inzetten voor de planning 

Volgens Schets is vooruitkijken essentieel in sectoren waar personeelsinzet direct samenhangt met omzet en rendement. “Daarom werken we met omzet- en drukteprognoses voor het opstellen van roosters. Wanneer de balans tussen inzet en opbrengst onder druk komt te staan, wordt dit tijdig gesignaleerd en kan een ondernemer vooraf bijsturen. Daarbij maken we steeds meer gebruik van AI.”

Nostradamus zet ook AI in om inefficiënties in de planning tegen te gaan. Schets: “Omdat we beschikken over datagedreven inzichten uit meer dan 3.000 locaties zijn we in toenemende mate in staat om inefficiënties in planning of verschillen tussen forecast en realisatie op voorhand te signaleren. Dat leidt in praktijk tot productiviteitsverbetering. Ofwel: ze kunnen meer doen met hetzelfde aantal handjes.”

Geplaatst in Gebruiken, Implementeren | Tags , , | Reacties uitgeschakeld voor AI als oplossing voor personeelstekorten in horeca en retail

HR kiest vaker voor mensgedreven technologie

Kunstmatige intelligentie is de laatste jaren breed omarmd door bedrijven en individuen en deze ontwikkeling zal nog door blijven gaan. Toch stappen veel HR-leiders over op platforms die niet alleen op automatisering vertrouwen. Niet omdat zij anti-AI zijn, maar omdat zij op zoek zijn naar de balans tussen efficiëntie en menselijke helderheid en begrip.

AI-systemen blinken uit in snelheid en schaalbaarheid, maar zijn minder goed in nuancering, het vormen van oordelen en context. Daar zijn mensen nog altijd beter in. Door technologische efficiëntie te combineren met het menselijk vermogen om redenen en omstandigheden op de juiste manier te interpreteren, vinden HR-teams de ideale balans tussen gestroomlijnde processen en een menselijke benadering. 

Mensen beoordelen afwijking: is het een fout of uitzondering

Denk aan de snel veranderende wet- en regelgeving rondom arbeid. Dit zorgt ervoor dat HR-teams flexibel moeten blijven om compliance te garanderen. Organisaties zoeken compliance-experts die de veranderingen en hun impact in realtime kunnen interpreteren en erop kunnen reageren.

Hoewel een systeem afwijkingen kan detecteren, kan alleen een mens bevestigen of iets daadwerkelijk een fout is, of slechts een uitzondering met een geldige reden. De aanwezigheid van mensen achter het platform zorgt voor verantwoording en zekerheid die anders ontbreekt.

Mensgedreven HR-technologie combineert automatisering met menselijke expertise om risico’s te verminderen, de nauwkeurigheid te verhogen en vertrouwen op te bouwen binnen teams en organisaties.

Hervorming HRtech-landschap: AI-ondersteund en mensgedreven

De aanpak waarbij HR-teams op zoek gaan naar de juiste balans tussen AI en menselijk inzicht, zal het HR-technologielandschap hervormen. Bedrijven zullen namelijk steeds vaker de voorkeur geven aan platforms die gelijke tred kunnen houden met de complexe regelgeving en de eisen van wereldwijde mobiliteit, iets wat AI alleen niet kan.

Mensgerichte platforms geven prioriteit aan besluitvorming. Met intuïtieve interfaces, een duidelijkere context en ondersteuning voor samenwerking, sluiten deze platforms aan bij de personeelsstrategie, in plaats van teams te dwingen tot rigide, geautomatiseerde processen.

Uiteindelijk zullen de technologieën die succesvol zijn, mensen dienen in plaats van hen te vervangen. Slimme HR-leiders zullen kiezen voor mensgerichte oplossingen, waardoor ondersteuning, interpretatie en contextueel begrip stevig in menselijke handen blijven.

De toekomst van HR-tech is AI-ondersteund en mensgedreven, waardoor automatisering de last van data-intensieve processen verlicht en HR-experts de ruimte krijgen om hun bedrijven te ondersteunen, terwijl mensen centraal blijven staan ​​in de bedrijfsvoering.

Dit artikel is een bewerkte vertaling van Why HR leaders are turning to people-powered tech op de website van HR magazine. 

Geplaatst in Gebruiken, Implementeren | Tags , | Reacties uitgeschakeld voor HR kiest vaker voor mensgedreven technologie