Maandelijkse archieven: april 2026

Spelregels voor game-based assessments: wat mag wel en wat niet?

Met online en game-based assessments kun je gedrag analyseren, vaardigheden beoordelen en antwoorden interpreteren. Op basis daarvan beoordelen werkgevers hoe goed een sollicitant bij een functie past.

Dergelijke systemen kunnen echter tot geautomatiseerde besluitvorming leiden, waarschuwt de Autoriteit Persoonsgegevens (AP). En daar gelden strenge regels voor, onder artikel 22 van de AVG. 

De organisatie zegt dat ze vóór innovatie en voor de toepassing van tech is, en dat AI kan helpen om objectieve beoordeling binnen het werving- en selectieproces te optimaliseren. Juist om daarbij te helpen, heeft de AP in maart een handreiking met richtlijnen gepubliceerd

Wanneer is er dan sprake van geautomatiseerde besluitvorming? “Je moet jezelf de vraag stellen of het gaat om een systeem dat zelfstandig beslissingen neemt over sollicitanten of kandidaten, zonder dat er een betekenisvolle menselijke tussenkomst is”, zegt Smsmieh. 

Betekenisvolle menselijke tussenkomst

Maar wat is dat, betekenisvolle menselijke tussenkomst? “Er moet een menselijke beoordelaar zijn die de uiteindelijke selectie maakt. Een voorspelling of een voorbeslissing vanuit een systeem, moet dus nog door een mens beoordeeld worden.”

Daar gelden bepaalde minimumvereisten voor. Allereerst: de menselijke beoordelaar moet de vrijheid en bevoegdheid hebben om een beslissing of voorspelling uit een systeem aan te passen of te negeren. Systemen maken soms fouten en een mens moet de mogelijkheid hebben om daarop te reageren.

Begrijpen hoe het systeem kandidaten selecteert

Daarnaast moet de menselijke beoordelaar bekwaam zijn, dus begrijpen hoe het systeem werkt. “We zien vaak HR-medewerkers die wel bij het beslissingsproces zitten, maar niet begrijpen hoe het systeem werkt of hoe het algoritme beslissingen neemt. Als je het algoritme niet begrijpt, kun je het ook niet oneens zijn met de voorspelling uit een systeem en deze zo nodig negeren of aanpassen”, vertelt Smsmieh. 

Ook dat gaat in de praktijk nogal eens fout. “We hebben wel meegemaakt dat we iemand vragen stelden over hoe een score tot stand is gekomen en dat de medewerker dat niet wist. Dan kun je mij ook niet vertellen dat je daar invloed op hebt gehad.”

Als je het algoritme niet begrijpt, kun je het ook niet oneens zijn met de voorspelling uit een systeem en deze zo nodig negeren of aanpassen.

Wat ook gebeurt, is dat mensen blind vertrouwen op een systeem. “We hebben wel gezien dat iemand bevoegd en bekwaam is om een beslissing te nemen, maar daar helemaal niets mee doet. Diegene vertrouwt volledig op de voorspelling van het systeem en stuurt op basis daarvan handmatig afwijzingsbrieven naar de kandidaten die onder de minimumdrempel hebben gescoord. Maar dat is niet voldoende. Je moet je bekwaamheid en bevoegdheid ook daadwerkelijk toepassen. Je moet jouw menselijke invloed toevoegen aan het uiteindelijke besluit.”

Hoe waarborg je menselijke tussenkomst bij werving en selectie?

Aan bedrijven dus de taak om aan te tonen dat er een bekwame en bevoegde menselijke beoordelaar te pas komt bij werving en selectie. Dat kan bijvoorbeeld via een DPIA: een Data Protection Impact Assessment. Dit is in feite een risicobeoordeling, waarmee vooraf de privacyrisico’s van een gegevensverwerking in kaart worden gebracht. 

“Bij dit soort systemen is sprake van hoogrisicoverwerkingen, wat betekent dat je sowieso een DPIA moet uitvoeren. Daarin kun je dus prima waarborgen hoe je betekenisvolle menselijke tussenkomst hebt ingericht”, aldus Smsmieh. 

Wanneer mag geautomatiseerde besluitvorming wel?

Overigens is het niet zo dat geautomatiseerde besluitvorming via online- en game-based assessments helemaal verboden is. Er zijn bepaalde uitzonderingen waarbij dit wel mag worden toegepast. 

Een van de uitzonderingen is dat het voor een specifiek geval noodzakelijk is. Smsmieh geeft een voorbeeld: “Stel, je zet een vacature uit waar je een bepaald aantal reacties op verwacht. Als je dan plots duizenden sollicitaties binnenkrijgt en je maar beperkte capaciteit hebt, dan is het onwerkbaar om die allemaal met de hand te beoordelen. Dan moet je een deel van het proces wel automatiseren.” 

In zo’n geval moet je echter wel kunnen aantonen dat het automatiseren daadwerkelijk noodzakelijk is. En dat moet bovendien per situatie opnieuw beoordeeld worden. “Elke procedure is uniek, elke functie is uniek. Voor de een krijg je duizenden reacties, voor de ander veel minder. Je kunt niet zeggen dat dit voor alle selectieprocedures standaard noodzakelijk is. En je moet die noodzakelijkheid wel kunnen aantonen en vastleggen, bijvoorbeeld via een DPIA.”

Sollicitant geeft ‘vrijelijk toestemming’

Een andere uitzondering is wanneer de sollicitant vrijelijk toestemming geeft voor een geautomatiseerd selectieproces. Maar daar is de AP erg terughoudend in, omdat er sprake is van een ongelijke verhouding tussen sollicitant en de werkgever. De toestemming wordt dan vaak niet vrijelijk gegeven, maar eerder onder druk: ga je niet akkoord, dan krijg je de baan niet. “In sommige gevallen is vrijelijke toestemming mogelijk, maar dat is lastig aan te tonen. En in de meeste gevallen kan dat ook niet.”

Is een geautomatiseerd assessment een verplicht onderdeel, dan is er al direct geen sprake meer van vrijelijke toestemming. “Diegene moet de vrijheid hebben om die deelname op ieder moment te weigeren. En de toestemming moet je op ieder moment kunnen intrekken. Ook moet je kunnen aantonen dat iemand nooit druk heeft gevoeld om toestemming te geven en dat iemand geen nadelige gevolgen krijgt door te weigeren.”

Risico’s assessmentsysteem kennen en beperken

In de situatie dat geautomatiseerde besluitvorming via online- en game-based assessments wel mag, moet de werkgever diverse waarborgen inbouwen. Dergelijke besluitvorming brengt namelijk diverse risico’s met zich mee. Uitkomsten zijn niet altijd accuraat of betrouwbaar, kunnen onbedoeld discriminerend zijn, en systemen zijn bovendien niet altijd geschikt om te beoordelen of iemand bij een functie past.

Een voorbeeld is een assessment dat stemmen en gesprekken analyseert. Is iemand erg nerveus, dan komt diegene misschien slechter uit zijn woorden. Dat wil niet zeggen dat diegene niet goed zou functioneren in de baan waarop gesolliciteerd wordt. Maar een assessment-systeem kent dergelijke nuances niet. Dat systeem zegt dan dus mogelijk: deze persoon functioneert niet, omdat hij niet uit zijn woorden komt. 

Werkgever blijft verantwoordelijk 

Het is de taak van de werkgever om deze risico’s te kennen en daar passende maatregelen voor te nemen. “Vanaf het moment dat je zo’n systeem inkoopt, moet je zorgen dat het goed gebouwd is en dat de data die verwerkt worden, accuraat zijn. Je moet voorkomen dat het onbedoeld bias kan veroorzaken of een onjuiste voorspelling kan geven”, zegt Smsmieh. “Het systeem of de game die je koopt, moet geschikt zijn om mensen te beoordelen voor de functie die je aanbiedt. En je moet als werkgever kunnen aantonen dat je je best hebt gedaan om deze risico’s te beperken.”

Belangrijk daarbij is ook dat de verantwoordelijkheid altijd bij de werkgever blijft liggen, ook als je een systeem bij een derde partij inkoopt. Voldoet een systeem dus niet, dan blijf jij daar als werkgever ook verantwoordelijk voor. “De kandidaten solliciteren voor een functie bij jou”, benadrukt Smsmieh. “Natuurlijk mag je een gezamenlijke verwerkingsverantwoordelijke hebben en gezamenlijke afspraken maken voor de uitoefening van deze rechten. Maar je blijft als werkgever te allen tijde verantwoordelijk voor het naleven van deze verplichtingen.”

Geplaatst in Branche, Markt | Tags , , , | Reacties uitgeschakeld voor Spelregels voor game-based assessments: wat mag wel en wat niet?

De drie AI-gaten in HR: adoptie, werkdruk en gedrag

Ruim 150 HR Directors, CHRO’s en People & Culture Leaders kwamen bijeen in het Anatomiegebouw in Utrecht voor het jaarlijkse HR-event van YER. Op basis van kwantitatief onderzoek (n=1007 kenniswerkers, Motivaction 2026) en een vooraf uitgezette enquête onder 107 HR-professionals kwamen drie belangrijke knelpunten naar voren.

1. HR overschat AI-gebruik met factor drie

HR-leiders schatten dat 58 procent van hun medewerkers dagelijks of meerdere keren per dag AI gebruikt, terwijl dit in werkelijkheid slechts 16 procent is (zelfrapportage kenniswerkers). Concreet gebruikt 6 procent van de medewerkers dagelijks AI tegenover een HR-inschatting van 19 procent en 10 procent enkele keren per dag tegenover 39 procent volgens HR. 

Daartegenover geeft 31 procent van de medewerkers aan nooit AI te gebruiken, terwijl HR denkt dat dit slechts 1 procent is. Bovendien heeft 63 procent van de HR-leiders beperkt of geen zicht op het daadwerkelijke AI-gebruik en slechts 3 procent zegt dit goed te monitoren. 

Dit gebrek aan basisinformatie maakt het vrijwel onmogelijk om een effectieve AI-strategie uit te voeren en wijst op een structureel tekort aan monitoring en dialoog over AI-gebruik in organisaties. 

2. HR is vaak te positief over het AI-effect op werkdruk

50 procent van de HR-leiders denkt dat AI de werkdruk verlaagt, terwijl slechts 32 procent van de medewerkers dit zo ervaart. Dat is een optimism gap van bijna 18 procentpunten. Tegelijkertijd ervaart 44 procent van de AI-gebruikers wel een betere kwaliteit van hun werk door AI. 

61 procent van de HR-leiders wil dat medewerkers AI maximaal inzetten maar de begeleiding blijft achter: men scoort zichzelf gemiddeld 2,92 van de 5 op de stelling “we investeren meer in tools dan in begeleiding”. 

HR-professionals erkennen bovendien dat AI-adoptie primair een leiderschapsvraagstuk is en niet een technologievraagstuk (gemiddelde score 3,87/5 op “HR heeft een actieve rol in AI-adoptie”). De implicatie is duidelijk: de verwachtingen rondom AI-adoptie liggen hoger dan de daadwerkelijke begeleiding en ondersteuning die medewerkers ontvangen, waardoor de kans op stille weerstand, kwaliteitsverlies en uitval toeneemt. 

3. Gedragspatronen onder druk: onzichtbare organisatierisico’s

Bij oplopende werkdruk kiezen medewerkers vooral voor wat op dat moment werkt, niet per se voor wat de organisatie nodig heeft. Zo werkt 45 procent vaker langer door (50 procent van de vrouwen, 41 procent van de mannen). Een op de vijf medewerkers (20%) laat minder zichtbare taken liggen, wat een direct risico vormt voor kwaliteit en continuïteit. Daarnaast levert 14 procent sneller werk op ten koste van de kwaliteit, met hogere scores onder medewerkers jonger dan 35 jaar. 

Opvallend is dat ongeveer een derde van de medewerkers hun werkdruk niet durft aan te kaarten, zelfs niet wanneer deze te hoog is. 

AI in werving en selectie: het risico van een AI-loophole

“Technologie is repliceerbaar, menselijkheid niet,” stelt Djurre Holtrop, Assistant Professor Sociale Psychologie, Tilburg University. Holtrop presenteerde op het HR-event  zijn onderzoeksbevindingen over de dubbele AI-dynamiek in recruitment: organisaties gebruiken AI voor vacatureteksten, cv-beoordelingen en videogesprekken, terwijl kandidaten AI inzetten voor sollicitatiebrieven, cv-optimalisatie en gespreksvoorbereiding. Het gevolg: selectie-uitkomsten worden minder betrouwbaar en traditionele selectie-instrumenten verliezen signaalwaarde. “Selecteer op aanpassingsvermogen en persoonlijkheid, niet alleen op cv-fit,” zegt Jan Willem Prins, HR Directeur YER.

YER en Tilburg University pleiten daarom voor selectie op aanpassingsvermogen, AI-geletterdheid en persoonlijkheid, in plaats van uitsluitend op cv-fit en prestaties uit het verleden.

Geplaatst in Gebruiken, Implementeren | Tags , , | Reacties uitgeschakeld voor De drie AI-gaten in HR: adoptie, werkdruk en gedrag

Burn-out kost Europa miljarden: dit platform voor well-being wil het tij keren

Venture capital-partijen Smartfin en Rubio Impact Ventures investeren 20 miljoen euro in OpenUp, een platform voor mentale gezondheid van werknemers. Het bedrijf is actief in Nederland, Duitsland, het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en België en bedient meer dan tweeduizend organisaties, waaronder Rabobank, Decathlon en PwC. Met het nieuwe kapitaal wil OpenUp zijn Europese expansie versnellen. De timing is niet toevallig: bijna 30 procent van de werknemers in de EU kampt met stress, depressie- of angstklachten.

Aanvulling op reguliere mentale zorg

“Laagdrempelige toegang tot professionele steun voor medewerkers? Dat zou in ieder bedrijf de normaalste zaak van de wereld moeten zijn”, zegt Gijs Coppens, GZ-psycholoog en oprichter van OpenUp. Sinds 2020 is het platform een aanvulling op de reguliere mentale zorg, waar Europa-breed lange wachttijden aan de orde van de dag zijn. Grote organisaties als Rabobank, Decathlon en PwC hebben een abonnement, zodat hun werknemers eenvoudig online met professionals kunnen praten wanneer ze (lichte) stressklachten, financiële problemen, slaapproblemen of angst ervaren.

Europese expansie op markt mental well-being

Met de investering mikt OpenUp op versnelde groei in Europa, mogelijk via overnames. “Hoewel de interesse sterk groeit, is de markt voor mental well-being in Europa nog relatief klein en versnipperd. Tegelijkertijd is mentale gezondheid één van de belangrijkste uitdagingen van de 21ste eeuw. Als Europese speler, kennen we deze markt en de oplossingen goed. Met de investering willen we een nog belangrijker partner worden voor organisaties die willen investeren in de mentale ondersteuning van hun medewerkers.”

Toenemende druk op werknemers

De cijfers onderstrepen de urgentie: ruim 1,6 miljoen Nederlandse werknemers, ongeveer 20 procent, heeft te maken met burn-outklachten. Europees gaat het om bijna 30 procent, circa 60 miljoen mensen. Ontwikkelingen als de opkomst van AI en geopolitieke spanningen kunnen de aantallen de komende jaren verder opdrijven, verwacht Coppens: “Tenzij we hier actief op anticiperen en werknemers goed begeleiden. Werkgevers krijgen hierin een steeds grotere verantwoordelijkheid, en als het aan de politiek ligt, zelfs een zorgplicht. Daarnaast verandert technologie, zoals AI, de manier waarop we werken ingrijpend. Juist daarom moeten organisaties nadenken over hoe ze hun mensen ondersteunen in die transitie – dat is precies wat we met OpenUp doen.”

Groeiend platform voor mentale ondersteuning

OpenUp telt inmiddels meer dan 250 aangesloten professionals en is beschikbaar in 35 talen. Circa 600.000 werknemers en hun naasten hebben toegang tot het platform, met een aanbod dat varieert van financieel advies en vertrouwenspersonen tot groepssessies en een-op-eengesprekken met leefstijlcoaches en psychologen.

Jürgen Ingels, oprichter van Smartfin, licht de investering toe: “Vanaf het begin heeft OpenUp ingezet op de combinatie van menselijke verbinding en technologie. “Wij geloven dat deze aanpak, samen met de verantwoorde inzet van AI, mentale ondersteuning toegankelijk en schaalbaar maakt. “We zagen een team met een helder antwoord op een hardnekkig probleem: wie in Europa mentale hulp nodig heeft, wacht maanden. We zijn blij bij te dragen aan de volgende stap: OpenUp als de Europese standaard voor mentale ondersteuning op de werkvloer.”

Geplaatst in Gebruiken, Implementeren | Tags , , , | Reacties uitgeschakeld voor Burn-out kost Europa miljarden: dit platform voor well-being wil het tij keren

Webinar ‘Aan de slag met CompetentNL’

Op woensdag 15 april van 12.00 tot 13.15 uur organiseert CompetentNL het webinar Aan de slag met CompetentNL – van toegang tot toepassing.  

Heb je al een API‑key of SPARQL‑toegang tot CompetentNL, maar vraag je je af ‘hoe nu verder’? Of overweeg je aan te sluiten en wil je weten waar je begint? Tijdens het webinar ‘Aan de slag met CompetentNL’ geven we je een actueel beeld van wat er al werkt binnen CompetentNL en wat nog in ontwikkeling is.

Van aansluiting naar toepassing

De overstap naar skills-denken en -werken is namelijk niet alleen een technische toepassing, maar een echte transitie. Daarom nemen we je mee in de belangrijkste inzichten, laten we zien wat je vandaag al kunt doen met CompetentNL en hoor je van KiesMBO en Leerbanenmarkt hoe zij de stap van aansluiting naar toepassing hebben gezet. We gaan met hen in gesprek over wat het hen heeft opgeleverd en welke lessen zij onderweg hebben geleerd.

Doelgroep webinar

We richten ons op professionals in arbeidsbemiddeling, onderwijs, HR, branche- en sectororganisaties én toolbouwers die met skillsdata werken. Je krijgt een eerlijk beeld van de complexiteit én ziet welke kansen CompetentNL biedt voor jouw toepassing of dienst. Er is volop ruimte om vragen te stellen aan experts.

Wat je meeneemt

  • Een actueel beeld van de huidige mogelijkheden én de doorontwikkeling
  • Inzicht in de uitdagingen om er daadwerkelijk mee aan de slag te gaan
  • Overzicht van de beschikbare hulp en ondersteuning

Voor wie

  • Toolbouwers en softwareleveranciers
  • Arbeidsmarktprofessionals, onderwijs en HR
  • Organisaties met een API‑key die CompetentNL nog niet toepassen in de praktijk

Werk je in arbeidsbemiddeling, onderwijs, HR of bouw je tools die met skillsdata werken? Dan is dit webinar voor jou.

Wil je hierbij aanwezig zijn?
Meld je dan aan via deze link

Meer informatie en aanmelden.

Geplaatst in Branche, Markt | Tags , , , | Reacties uitgeschakeld voor Webinar ‘Aan de slag met CompetentNL’

Jumbo zet AI in om krapte op arbeidsmarkt het hoofd te bieden

Jumbo Supermarkten heeft een nieuw sollicitatieplatform waarop jongeren via WhatsApp kunnen solliciteren op een bijbaan. Via het platform, genaamd ‘Da’s fijn solliciteren’, kunnen kandidaten bovendien meteen zelf een afspraak inplannen voor een gesprek in een Jumbo-winkel. Voor veel jongeren is een bijbaan bij een supermarkt de eerste kennismaking met solliciteren. Jumbo wil hen daarom een toegankelijke sollicitatie-ervaring bieden.

Uitdagende arbeidsmarkt

Veel jongeren hebben hun eerste bijbaantje in een supermarkt en zijn daarom een belangrijke groep voor Jumbo. Het werven van jongeren tussen de 13 en 21 jaar is steeds uitdagender: er zijn minder jongeren op de arbeidsmarkt en ze hebben veel bijbanen om uit te kiezen. Ze solliciteren vaak op meerdere plekken tegelijk en willen direct weten waar ze aan toe zijn. Medewerkers in de winkels van Jumbo hebben niet altijd tijd om direct te reageren op een sollicitatie, waardoor ze kandidaten kunnen verliezen.

AI begeleidt het hele proces

Na het achterlaten van een telefoonnummer op de Jumbo-website neemt een AI-agent automatisch contact op via WhatsApp. De agent vraagt de benodigde sollicitatiegegevens uit en koppelt kandidaten op basis van een match aan beschikbare tijdslots in de winkel. Vooraf ontvangen sollicitanten een kort filmpje met praktische tips. Het systeem zorgt ervoor dat kandidaten niet hoeven te wachten op een reactie van een medewerker en winkels houden meer tijd over voor het persoonlijke gesprek.

Schaalbaar platform voor grote recruitmentvolumes

Carv ontwikkelde het platform specifiek voor grote recruitmentvolumes. Het stelt bedrijven in staat AI-agents in te zetten voor hoogvolume wervingsprocessen. Naast Jumbo gebruiken ook DHL, Randstad, AS Watson en ISS het platform. 

Jumbo ontvangt jaarlijks zo’n 170.000 sollicitaties voor bijbanen. Dat aantal is zo hoog dat een geautomatiseerde afhandeling van het eerste contact een verschil groot kan maken. Uit een pilot in tachtig winkels bleek dat het sollicitatieproces sneller verloopt en meer kandidaten daadwerkelijk worden aangenomen. Vanaf deze week rolt Jumbo het platform uit naar alle Nederlandse winkels.

Geplaatst in Gebruiken, Implementeren | Tags , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Jumbo zet AI in om krapte op arbeidsmarkt het hoofd te bieden